Onderzoek naar oeverbescherming en onderwaterplanten


Binnen het gebied van Delfland wordt er veel recreatief gevaren. Mensen genieten van de natuur vanaf het water, maar (te) hard varen is schadelijk voor de aangelegde natuurvriendelijke oevers. Vanwege golfslag en stroming door varen moeten deze oevers beschermd worden door een golfbrekende constructie. Langs de Zweth in de Woudse Polder is tussen 2019 en 2024 door ecologen, de Radboud Universiteit en Delfland onderzoek gedaan naar de effecten van diverse typen oeverbescherming.

oever sloot met takken en planten

Soorten oeverbescherming

In de oever van de pilotlocatie werden door de jaren heen negen oeverbeschermingstypen geplaatst en getest zoals volledig dichte wanden, een palenrij met losse wilgentenen, een damwand met losse wilgentenen en een dubbele palenrij met gebonden wiepen. Onderzocht werd hoe efficiënt elk type oeverbescherming beschermt tegen recreatief varen. Door de Radboud Universiteit is hiervoor een meerjarige monitoring opgestart. Door ecologen werd regelmatig ecologisch onderzoek uitgevoerd.

Zo hebben we bijvoorbeeld gekeken naar golfhoogte, waterdynamiek (g-krachten) en stroomsnelheid. Ook letten we op de relatieve lichtintensiteit, doorzicht, temperatuur en het onderwatergeluid. Deze factoren zijn ook bepalend voor de ontwikkeling van waternatuur. In de keuze voor constructies zijn ook zaken zoals duurzaamheid, biodiversiteit en levensduur meegenomen.

De meest effectieve oeverbescherming is de zogeheten combiwand, maar dit is een dure en minder duurzame oplossing.

Ook effectief en vooral erg duurzaam circulair is een dubbele palenrij met daartussen machinaal geperste- en gebundelde wiepen van Hollandse wilgentakken en wilgentenen. Delfland heeft ervoor gekozen om deze constructie, waar mogelijk, te plaatsen om de natuurvriendelijke oevers te beschermen.

Aanplanten van onderwaterplanten

Onderwaterplanten vormen een belangrijke leefomgeving voor jonge vissen en waterdiertjes. Bij de aanleg van nieuwe waternatuur zien we dat de ontwikkeling van deze planten meestal langzaam gaat. Dat is jammer, want onderwaterplanten horen bij waternatuur. Daarom zijn wij op deze locatie ook een onderzoek gestart. Hier onderzoeken we de verschillende manieren van aanplanten van onderwaterplanten.

Veel verschillende factoren kunnen invloed hebben op de ontwikkeling van onderwaterplanten. Bijvoorbeeld te veel voedingsstoffen in het water, een beperkt doorzicht of slibvorming. Maar ook bagger, stroming, golfslag, vraat door vogels of kreeften en (maai)beheer kunnen invloed hebben op de ontwikkeling van onderwaterplanten. Achter de oeverbescherming onderzoeken we manieren om onderwaterplanten aan te planten en te beschermen. We doen dit direct in de bodem, met behulp van een mat waarop de planten zijn gekweekt. Ook plaatsen we een kooi erover om vraat te voorkomen.

Zes testvormen aanplanten van waterplanten

Door deze variaties te combineren, komen we op zes verschillende testvormen:

  • Planten direct in de bodem
  • Planten direct in de bodem met bescherming (graaskorf)
  • Blanco (geen planten) met bescherming (graaskorf)
  • Referentie
  • Planten gekweekt in mat
  • Planten gekweekt in mat met bescherming (graaskorf)

Elke variant herhalen we vier keer. In totaal hebben we dus 24 testvlakken. Wat we leren over de verschillende manieren van aanplanten van onderwaterplanten, kunnen we ook gebruiken op andere locaties.

Drie soorten waterplanten om mee te testen

Er is een selectie gemaakt van drie soorten waterplanten. Deze waterplanten komen al voor binnen het beheergebied van Delfland en zijn belangrijk voor de doelstellingen van de Kaderrichtlijn water. Daarbij is rekening gehouden met hoeveel voedsel er in het water zit en hoe troebel het is. Daarnaast hebben we gekozen voor waterplanten die verschillend omgaan met de snelheid van de stroming. Dit zijn glanzig fonteinkruid (Potamogeton lucens), doorgroeid fonteinkruid (Potamogeton perfoliatus) en smalle waterpest (Elodea nuttallii).

glanzig fonteinkruid
Glanzig fonteinkruid
doorgroeid fonteinkruid
Doorgroeid fonteinkruid

Depot voor waterplanten

Vlakbij de onderzoekslocatie ligt een nevengeul. In deze zijtak kweken we verschillende soorten onderwaterplanten. Sommige soorten onderwaterplanten zijn lastig te krijgen. Ook zorgt transport van deze planten voor risico’s als uitdroging en beschadiging. Door te onderzoeken of wij zelf een depot met onderwaterplanten kunnen maken, kunnen we (deels) voorzien in onze eigen behoefte. Hiermee besparen we kosten en werken we duurzamer en circulair.

Voor het depot zijn dezelfde waterplanten gebruikt als bij de vooroevers aangevuld met aarvederkruid (Myriophyllum spicatum). Ook van deze soort verwachten we dat hij zich kan ontwikkelen in het voedselrijke, troebele water van de nevengeul.

aarvederkruid in bloei
Aarvederkruid in bloei

Met bijdragen van

Dit project is mogelijk gemaakt door bijdragen vanuit het Europees Landbouwfonds voor Plattelandsontwikkeling (ELFPRO), Provincie Zuid-Holland en het Hoogheemraadschap van Delfland.

Logo's POP3 subsidie